Allergeenspecifieke immunotherapie (desensibilisatie)

Een etiologische behandeling die verergering van de aandoening voorkomt

Allergeenspecifieke immunotherapie (desensibilisatie) is de pijler van de behandeling van ernstige allergie1. Ze is de enige methode die het mogelijk maakt allergie te voorkomen en te behandelen. Zo voorkomt ze verergering door het optreden van nieuwe sensibilisaties (polysensibilisatie) 2 of haar evolutie naar astma3.

Werkingsmechanisme

Ze vermindert de gevoeligheid van het lichaam voor het allergeen: door de immuunrespons tegenover dit allergeen geleidelijk te moduleren, voorkomt allergeenspecifieke immunotherapie de allergische reactie.

De verschillende vormen van allergeen-specifieke immunotherapie zijn:

  • Sublinguale tabletten
  • Sublinguale druppels
  • Subcutane injecties

Allergeenspecifieke immunotherapie, ook desensibilisatie genoemd, is de enige allergiebehandeling die direct inwerkt op het immuunsysteem om het evenwicht te herstellen. Door een grotere tolerantie voor de allergenen op te bouwen is allergeenspecifieke immunotherapie de enige behandeling die allergische aandoeningen met duurzaam effect kan behandelen. AIT verlicht in belangrijke mate de symptomen van de allergie en de behoefte aan symptomatische behandelingen. Bovendien heeft ze een langetermijneffect.4 

Hoe werkt het?

Enkel een  arts ( bij voorkeur  met specifieke interesse in allergologie) kan allergeenspecifieke immunotherapie voorschrijven en dit na een nauwkeurige diagnose.

AIT is een gerichte behandeling waarbij de patiënt geleidelijk hogere dosissen allergene extracten krijgt toegediend, wat de hyperreactiviteit van het immuunsysteem en de daaruit resulterende ontsteking afbouwt.

De behandeling kan sublinguaal (onder de tong) toegediend worden (oplossingen of tabletten (voor graspollenallergie)5  of subcutaan (injecties door een medisch zorgverlener in de arm).

Bij seizoensgebonden allergieën zoals pollenallergie kan de sublinguale behandeling periodiek toegediend worden (enkele maanden per jaar). De behandeling moet dan gestart worden vóór het begin van het pollenseizoen. Voor Bij niet-seizoensgebondenallergieën, zoals allergie aan mijtachtigen of aan dierenharen, loopt de behandeling het hele jaar door.

Om op lange termijn efficiënt te zijn, moet een behandeling met AIT gedurende 3 tot 5 opeenvolgende jaren of seizoenen toegediend worden.6 

Meer informatie over allergeenspecifieke immunotherapie. 

Allergeenspecifieke immunotherapie richt zich op luchtwegallergiepatiënten (vanaf de leeftijd van 5 jaar) voor wie symptomatische behandelingen onvoldoende blijken of die deze behandelingen slecht verdragen.

 

 

 

 

[1] Bousquet J, Lockey RF, Malling HJ. et al. Allergy 1998; 53 
[2] Des Roches A. et al. JACI 1997; 99:450-53. Pajno GB. et al. Clin Exp Allergy 2001;31:1392-97.
[3] Jacobsen L. Allergy 1997;52: 914-20.Moller C. et al. JACI 2002; 109:251-256.
[4] Jacobsen L. et al. Specific immunotherapy has long-term preventive effect of seasonal and perennial asthma: 10-year follow-up on the PAT study. Allergy. 2007 Aug;62(8):943-8.
[5] De therapie is enkel beschikbaar voor graspollenallergie.
[6] Marogna M. et al., Long-lasting effects of sublingual immunotherapy according to its duration: A 15-year study. J Allergy Clin Immunology, 2010